Het was alweer haar derde verschijning, maar het publiek van het Weense Konzerthaus is aan optredens van de flamboyante Yuja Wang nog lang niet gewend. In haar torenhoge stiletto's en strakke Glitter Ensemble kwam de 30-jarige pianiste het podium op om zich in het eerste deel van de avond te zetten aan Frédéric Chopin's in 1839 gepubliceerde 24 Préludes. "Chopin's werken zijn kanonnen, begraven onder bloemen," merkte Robert Schumann ooit op. Het emotionele spel van Yuja Wang - soms zacht en sprankelend als champagne, soms luid en explosief - bracht dit effectief aan het licht.

Haar aanvankelijk aarzelende aanpak van dit baanbrekende oeuvre maakte het de luisteraar des te makkelijker om de winter in Mallorca, die Chopin met zijn beroemde partner George Sand doorbracht, voor het geestesoog op te roepen. Je kon de kloostercel bijna ruiken waar Chopin achter zijn zwaar gehavende piano zat te werken. Het spel van Wang herinnerde op sommige plaatsen aan dat van de grote Alfred Cortot.