Even voorstellen

Inge Schilperoord (1973) is forensisch psycholoog en schrijver.  In het Pieter Baan Centrum doet zij psychologische onderzoeken bij verdachten in strafzaken. Na een post- hbo opleiding aan de Hogeschool voor Journalistiek (2002) en later de Schrijversvakschool (2012) schreef zij jarenlang achtergrondartikelen, interviews, recensies en essays voor o.a. Psychologie Magazine, NRC Handelsblad, De Groene Amsterdammer, Ode en Crossing Border Magazine. In 2015 debuteerde zij bij uitgeverij Podium met de roman Muidhond. Hiermee won zij de Bronzen Uil voor het beste debuut en stond op de shortlist voor alle Nederlandstalige literaire prijzen van 2015/2016 (ECI Literatuurprijs, Libris Literatuurprijs, Opzij Literatuurprijs, Anton Wachterprijs, Boekhandelaarsprijs, ANV Debutantenprijs). In 2017 stond de Franse vertaling La Tanche op de shortlist van de Prix Femina. Inge Schilperoord heeft een zwak voor de mens aan de rand van de samenleving. Tegelijk is ze geïnteresseerd in de worstelingen die we allen met elkaar gemeen hebben. Zo herkenden veel lezers van Muidhond (delen van) zichzelf terug in een personage dat toch ver van hen afstaat: een pedofiele jongeman die uit alle macht tracht een ander en beter mens te worden. In haar volgende boek zullen de thema’s die Muidhond kenmerkten op een heel andere manier terugkomen. Zoals: eenzaamheid, onmacht en de fragiele grens tussen goed en kwaad.
  
Torenkamerplan
In mijn volgende boek spelen de thema’s zien en (niet) gezien worden een grote rol. Ook wil ik de grote stad waar het zich afspeelt meer laten zijn dan een decor. Het is haast een eigen personage, een ademend wezen. Een wezen dat je op sommige momenten kan omarmen en warm in zich opnemen, terwijl het je op andere momenten de rug toe kan keren. Een wezen dat open en gesloten kan zijn, verstikkend, warm, licht en levendig,  maar ook kil, donker  en benauwend. Ik stel me voor dat het hoofdpersonage van mijn boek, een veel door de stad dolend pubermeisje, zich erkend en gezien kan voelen door en in de stad maar dat deze zich ook zo onverschillig op kan stellen dat zij zich haast onzichtbaar voelt.
Tijdens mijn verblijf in  de Torenkamer wil ik zelf rondzwerven in de Grote Stad, in de huid van mijn personage verschillende ervaringen op me in laten werken en op basis hiervan schrijven. Hoe voelt zij zich in het gangenstelsel van de metro, op pleinen, in de drukte, of juist in de verstilling van bijvoorbeeld een kerk, in rijke en armere buurten, bij het water of tussen de bomen in het park?
Dit meisje is daarbij erg visueel en detaillistisch ingesteld, en tracht de werkelijkheid in tekeningen te vatten. Overal waar ze komt neemt ze haar schetsboek mee. Ondanks dat ik zelf niet (goed) teken, ga ik dit ook doen. Zo hoop ik steeds dichterbij haar te komen.

Lees meer en volg haar belevenissen op de Torenkamerblog en luister maandag, woensdag- en vrijdagavond naar de live updates tijdens Opium.