Facebook
Twitter
Google +
Luister live
Geen info beschikbaar
Afspeellijst
Afspeellijst
Uw afspeellijst is leeg
    huidig werk:
    Opium (AVROTROS)

    Gepresenteerd door:

    Mieke van der Weij, Jan Mom, Andrea van Pol

    MA | DI | WO | DO | VR

    22:30 - 00:00

    In De Torenkamer van VondelCS wordt wekelijks een jonge kunstenaar 'opgesloten' om, niet afgeleid door dagelijkse prikkels, te werken aan een magnum opus. Er is dagelijks contact met de kunstenaar in de uitzending en op vrijdag haalt Andrea van Pol de kunstenaar op uit De Torenkamer en wordt het voltooide werk gepresenteerd.

    Via ons Instagram account houden de kunstenaars je op de hoogte van hun voortgang:

    Torenkamer

    Daniel Hentschel

    Deze week ontvangt Daniel Hentschel de sleutels van de Torenkamer!

    Beluisteren

    Even voorstellen
    Daniel Hentschel, geboren te Stadtlohn Duitsland 1977 is onder de artiestennaam Danibal actief als cartoonist en als muzikant (zang en mondharp). Zijn liefde voor de mondharp is ontvlamd in 1999 toen de jonge student Interaction Design in aanraking kwam met Tuvaanse keelzang en aanverwante muzikale tradities. Terwijl hij deze boventoonmuziek probeerde na te bootsen kwam hij de buitenaardse klanken van de mondharp tegen en ging op onderzoek uit. Inmiddels is hij een specialist op deze 'synthesizer uit de oertijd'. Met zijn koffer vol mondharpen was hij onder andere op mondharpfestivals in Moskou, Sicilië, Oostenrijk, Noorwegen en Hongarije. Danibal maakt speelse muziek met veel ruimte voor improvisatie. Als zanger is Danibal altijd op zoek naar de muzikale mogelijkheden van de stem: keelzang, klankpoëzie, jodelen en een vleugje human beatbox. Al deze ingrediënten voegt hij moeiteloos samen in absurde eigentijdse muziek met behulp van live loops, sequenties die ter plekke worden opgenomen en meteen in herhaling afgespeeld.
     
    In 2006 heeft hij meegewerkt aan de totstandkoming van het Vijfde Internationale Mondharpfestival in Muziekgebouw aan het IJ. Toen kwam ook de eerste solo-cd uit, getiteld Ploing! In 2014 voerde ik samen met de oldschool-gabber van Rotterdam Termination Source het nummer Poing op, live bij Giel Beelen. In 2014 bracht hij met het improvisatie-duo Heug de cd Voor in de auto uit. Tijdens de Operadagen 2015 in Rotterdam had Danibal zijn coming-out als jodelaar. De met Gouden Kalveren bekroonde film Aanmodderfakker werd muzikaal verfraaid door o.a. zijn mondharpspel.

    Torenkamerplan
    In het kort: ik ga muziek componeren en opnemen. Mijn eerste – en laatste – solo-album dateert uit 2006. Dat was puur om te laten horen waar ik mee bezig was, vooral als mondharpist. Ploing! Lekker bijdehand. Ik treed vooral op als improvisator. Ik rol van het ene project in het andere. Improvisatie is prachtig, maar je geeft jezelf weinig ruimte om materiaal te laten rijpen en uit te bouwen. Nu heb ik besloten om even een korte pauze in te lassen, zodat ik me kan bezighouden met opnemen. Daarnaast wil ik mezelf met dit project iets meer laten horen als zanger en stemkunstenaar aangezien dat een steeds grotere rol heeft gekregen in mijn optredens. Aan het eind van de week heb ik heel veel audiomateriaal. Ik ben benieuwd of ik dan al een heus album in handen heb of dat ik nog veel moet schaven en investeren. Aan de slag!

    • De Torenkamer - Vrijdag 11 september

      vrijdag 11 september 2015

      Eindstand: zeven nummers en een heleboel schetsen. Een heel album is het nog niet, dat was bewust te hoog gegrepen, maar het is een goed begin! Ik heb deze week lekker kunnen fröbelen en zwoegen, de buitenwereld heb ik zover mogelijk genegeerd en ik ben iets vertrouwder geworden met het opnameprogramma.


      Dat smaakt naar meer: eenmaal thuis ga ik meteen een hoekje inrichten. Ik heb nu een goed beeld van hoe ik verder wil werken aan dit project. Dit project heeft trouwens al lang een naam: Kladderadatsch! Dat is een onomatopee: stel je het geluid voor van een verhuisdoos, gevuld met Duits keukengerei, die van de trap valt.


      Waar ik nog niet zo aan toe ben gekomen is een paar mooie opnames met boventoonzang, of iets op een lokatie met mooie akoestiek. En een paar mooie samensmeltingen van mondharp en stem. Da's een mooie zoektocht. Het lijkt soms alsof ik mijn eigen genre aan het uitvinden ben.


      Als je nieuwsgierig bent geworden naar de rest van mijn eclectische werk, neem dan een kijkje op mijn website (Er is daar al een nummer uitgelekt, getiteld 'Jobndep'.). Ik neem bij deze afscheid en ga eens al die mondharpen, en kabels opruimen. Dank aan Opium op 4 voor de goede zorg!

      Beluisteren
    • De Torenkamer - Daniel Hentschel - Dag 4

      De hele dag zit er een kikker in mijn keel die niet weg wil. Ondanks dit ongemak heb ik eromheen gezongen. De ene zangtechniek heeft er minder last van dan de andere. Alleen kom je de grenzen vaker tegen op de dag. Ik verspeel veel tijd met het inzingen van een lage grompartij, die maar niet lekker naturel uit mijn strot wil komen. Vervolgens stap ik weer over op een mondharp-groove.


      Ik zit nu op iets van zeven tracks. Ik open steeds weer een track om te kijken hoe het ervoor staat en of ik eraan verder kan werken. Als ik niets meer kan toevoegen open ik een andere track.


      Tijdens live-optredens maak ik veel gebruik van toevalligheden en fouten. Als er ergens een onregelmatigheid optreedt dan benadruk ik het vaak extra en ga er met mijn volle energie inhangen. Nooit zomaar stoppen: ik ga door totdat het iets is. Optreden met live-loops heeft iets weg van koken met wat je in de (koel)kast aantreft. En dan ook nog in een vreemde keuken! Het is pas klaar als het gerecht op tafel staat.


      Bij het opnemen is er veel ruimte om het te doen zoals je het in je hoofd hebt. Op zich prachtig, maar het gaat ook ten koste van iets. Die voelbare energie van de creatieve gekte tijdens een optreden blijkt best moeilijk te vangen. Het moet ook niet te geconstrueerd en netjes klinken. Ergens had ik vrede met die kikker. Hij bracht me weer op een ander spoor.


      De Torenkamer Dag 4

    • De Torenkamer - Daniel Hentschel - Dag 3

      woensdag 9 september 2015

      Recht tegenover de deur van de Torenkamer staat een stuk paars vloerkleed, zodat het niet meer zo galmt tijdens het opnemen. Net boven het kleed hangt een rij van stukjes duct-tape waarmee het kleed eerst was vastgeplakt. Achteraf natuurlijk zonde van de plakband, want ook zonder plakband dempt het net genoeg.

      Met zonnebril op en op sokken was het hier vrolijk jodelen. De kamer was aardig opgewarmd. Ik heb me uitgeleefd op een jodelnummer met meerstemmig refrein. Toen ik vervolgens door het Opium-kantoor naar buiten moest geneerde ik me een fractie van een seconde.

      Ja, waarvoor eigenlijk? Jodelen roept allerlei connotaties op met après ski en in dirndl geklede dames met grote pullen bier. De jodel kwam dan ook via een behoorlijke omweg in mijn muziek terecht.

      Tijdens mijn speurtocht naar boventoonzang raakte ik gefascineerd door de instrumentale mogelijkheden van de stem. Ik raakte steeds meer los van het zingen van tekst en zocht steeds meer de breedte op. Ik luisterde naar klankpoëzie om los te komen van woorden en betekenis. Ik luisterde naar human beatboxers en pikte wat technieken. En via wat folkloristische cd's kwam ik de oer-jodel tegen uit het Muotathal (in Zwitserland) en jodeltraditie van de Pygmeeën — een eyeopener!

      Wat mij betreft kwamen deze technieken een stuk dichter bij de essentie. Ze hadden weinig te maken met de kitscherige jodel die op de lachspieren werkt. De jodel bleek naadloos te passen op mijn ritmische muziek met boventonen. Zo logisch voelt het, dat het een vaste plek in mijn muzikaal palet heeft veroverd. Soms bluesy, soms grappig, maar nooit ironisch. Ik sta namelijk voor honderd procent achter mij stadse jodel.

      Beluisteren
    • De Torenkamer - Daniel Hentschel - Dag 2

      Deze dinsdag was meteen de kortste dag van de week, omdat ik in de avond verplichtingen had. In de ochtend ging ik meteen de opgenomen tracks onder de loep nemen. Daarna diverse overdubs gedaan. Een paar waren bruikbaar en een paar moeten over. De meeste tijd heb ik zitten experimenteren met ritmische basisstructuren met behulp van mijn looper-pedalen.


      Dat gaat ongeveer zo: Er is een basisritme die noemen we A. A kunnen we nog verfraaien met wat mondharp-accenten, zeg A-plus. Dit is het beginpunt. Het 'plusje' kunnen we met een undo-knop weer weghalen en tevoorschijn halen.


      Dan nemen we met het tweede apparaat A op, of beter een veelvoud van A-plus, omdat die zo lekker klonk. Dit stuk noemen we B. B is dus vier keer A-plus.


      Nu moeten we naadloos overgaan naar de laatste loop – we hebben nog een knopje over – loop C. Hiervoor nemen we weer een veelvoud van A op, ditmaal zonder het plusgedeelte, want ik wilde het wat steviger aanzetten met wat staccato mondharp. C hebben we net kaal opgenomen en met de staccato-mondharp is het C-plus.


      Vervolgens ga ik op de grond zitten, voor de opname heb ik de microfoon uitgezet, want alle stukjes hebben we immers net gevangen in de looppedalen. Ik kan nu lekker op de beat gaan hangen als een DJ die achter zijn draaitafel staat te flippen en druk al componerend de knopjes in. In alle stilte trouwens, want de sound zit in mijn hoofdtelefoon.


      Nu heb ik een paar songstructuren op deze manier gemaakt om op verder te werken. Dat wordt boetseren. Voor morgenochtend ben ik nu een kleine selectie aan het maken van ideeën die ik per se met stem wilde uitwerken.

    • De Torenkamer - Daniel Hentschel - Dag 1

      maandag 7 september 2015

      Galmbak

      Toen ik de eerste beelden zag van de Torenkamer vielen mij de grote ramen al op. Dat is vast een galmbak, ging er door me heen. Niet handig voor opnames, maar het zou in mijn voordeel kunnen werken als mondharpist. Galm en boventonen zijn elkaars vrienden, galm laat de boventonen beter horen, denk aan de klank in een kerk. Ik merkte vandaag op dat sommige microfoons meer van een droge studioakoestiek houden: het ging meteen rondzingen. Daar zit je dan als gedoodverfde improvisator, met je kabels en deels geleende opnameapparatuur. Het lijkt zo eenvoudig: een kabel erIN en eentje erUIT…

      Het zou nog tot na het avondeten duren, voordat ik een beetje aardig geluid had.

      Niet geheel onverwacht heb ik last van ruis op de opname, want laten we eerlijk zijn zoveel ervaring heb ik niet met hi-fi-opnames. Een heldere ruis, die hoogstwaarschijnlijk niet in de kabels zit waar ik net aan heb zitten frunniken. Ik heb een aantal apparaten kunnen uitsluiten, maar waarschijnlijk is het de audio-interface, of een van mijn pedalen op de grond. Een hele poos later sluit ik alles weer aan zoals bij mijn allereerste poging —et voilà!— de ruis is verdwenen! Ik ben geen steek wijzer geworden.

      De coating van de zachte oorkussentjes van mijn koptelefoon laten los. Mijn hemd is versierd met zwarte stipjes en aan mijn oren hangen zwarte plukjes schuimrubber. Hij doet het, maar het is geen prettig idee om zwarte vlokken achter te laten. En wat zal Daphne Bunskoek straks denken van die zwarte koptelefoonpluis overal?

      Daphne heeft volgens mij niets opgemerkt. Ik heb haar afgeleid met mijn collectie mondharpen en een erg droge jodel. Ik schraap mijn keel. Morgen wat meer drinken, da's beter voor je stem. 

      Beluisteren