Facebook
Twitter
Google +
Luister live
Geen info beschikbaar
Afspeellijst
Afspeellijst
Uw afspeellijst is leeg
    huidig werk:
    Opium (AVROTROS)

    Gepresenteerd door:

    Mieke van der Weij, Jan Mom, Andrea van Pol

    MA | DI | WO | DO | VR

    22:30 - 00:00

    In De Torenkamer van VondelCS wordt wekelijks een jonge kunstenaar 'opgesloten' om, niet afgeleid door dagelijkse prikkels, te werken aan een magnum opus. Er is dagelijks contact met de kunstenaar in de uitzending en op vrijdag haalt Andrea van Pol de kunstenaar op uit De Torenkamer en wordt het voltooide werk gepresenteerd.

    Via ons Instagram account houden de kunstenaars je op de hoogte van hun voortgang:

    Torenkamer

    Anke Kranendonk

    Schrijfster Anke Kranendonk laat zich deze week opsluiten in De Torenkamer.

    Beluisteren

    Even voorstellen
    Anke Kranendonk (Baarn, 1959) debuteerde onlangs met haar roman voor volwassenen Altijd Vrolijk, waarin ze op luchtige, doch indringende wijze haar jeugd in de Pinkstergemeente heeft verwerkt. Kranendonk schrijft ruim 20 jaar boeken voor kinderen en jongeren, die voornamelijk worden uitgegeven door Lemniscaat. Nu dus ook voor volwassenen. Daarnaast geeft zij lezingen over haar werk en les in schrijven, voorlezen of presenteren.

    Torenkamerplan
    Anke heeft altijd hier om de hoek gewoond. Het is voor haar dus best wel nostalgisch dat ze in de torenkamer zit. Ze wilde gaan schrijven over haar herinneringen, ze hoopte dat het bevinden in de torenkamer gevoelens en gedachten naar die tijd opwekt. Toch heeft ze besloten om het over een andere boeg te gooien. Wel kan ze in haar blogs schrijven over het werken in haar oude vertrouwde omgeving en wat voor invloed dat op haar werk heeft. Tijdens de Kerstdagen kreeg ze namelijk een idee voor een volgende novelle voor volwassenen. In de Torenkamer zal ze haar plannen gaan uitwerken en hoopt ze door de afzondering en de plek (met haar hoofd bijna in de wolken) een heel eind te komen. Misschien wel elke dag een hoofdstuk.

    • Anke Kranendonk uit Altijd vrolijk

      vrijdag 3 juni 2016

      De nacht valt over Opium op 4 en het Vondelpark. Er brandt nog één lampje in Vondel CS. Daar zit een schrijver voor te lezen uit eigen werk. Vanavond hoort u:

      Anke Kranendonk uit Altijd vrolijk

      Anke Kranendonk (Baarn, 1959) is schrijfster. Ze heeft tientallen jeugdboeken op haar naam staan, die voornamelijk worden uitgegeven door Lemniscaat.In september 2015 debuteerde ze met haar volwassenroman Altijd Vrolijk, waarin ze op luchtige, doch indringende wijze haar jeugd in de Pinkstergemeente heeft verwerkt.www.ankekranendonk.nl

      Beluisteren
    • Anke Kranendonk - uit ‘Altijd vrolijk’

      maandag 11 april 2016

      De nacht valt over Opium op 4 en het Vondelpark. Er brandt nog één lampje in VondelCS. Daar zit een schrijver voor te lezen uit eigen werk. Vanavond hoort u:

      Anke Kranendonk - uit ‘Altijd vrolijk’

      Anke Kranendonk (Baarn, 1959) is schrijfster. Ze heeft tientallen jeugdboeken op haar naam staan, die voornamelijk worden uitgegeven door Lemniscaat.In september 2015 debuteerde ze met haar volwassenroman Altijd Vrolijk, waarin ze op luchtige, doch indringende wijze haar jeugd in de Pinkstergemeente heeft verwerkt.www.ankekranendonk.nl

      Beluisteren
    • Anke Kranendonk uit ‘Altijd vrolijk’

      maandag 25 januari 2016

      De nacht valt over Opium op 4 en het Vondelpark. Er brandt nog één lampje in Vondel CS. Daar zit een schrijver voor te lezen uit eigen werk. Vanavond hoort u:

      Anke Kranendonk uit ‘Altijd vrolijk’

      Anke Kranendonk (Baarn, 1959) is schrijfster. Ze heeft tientallen jeugdboeken op haar naam staan, die voornamelijk worden uitgegeven door Lemniscaat.In september 2015 debuteerde ze met haar volwassenroman Altijd Vrolijk, waarin ze op luchtige, doch indringende wijze haar jeugd in de Pinkstergemeente heeft verwerkt.www.ankekranendonk.nl

      Beluisteren
    • Torenkamer - Anke Kranendonk - Dag 5

      vrijdag 8 januari 2016

      Wijn van Wolkers


      Het is vrijdagmiddag bijna 17 uur, tijd voor een borrel. Mijn laatste dag in de Torenkamer aan het Vondelpark waar de herinneringen talrijk aan mijn voeten liggen, zit er bijna op.

      Zoals daar bijvoorbeeld is de herinnering aan mijn eerste glas wijn. In mijn roman Altijd Vrolijk kunt u lezen dat ik vroeger niet van de alcohol was. Jezus kon namelijk komen “als een dief in de nacht” en dan moest je niet beschonken, maar helder zijn. Toen ik de brui aan Jezus gaf, vond ik dat ik de alcohol mocht gaan exploreren. Mijn smaakpapillen waren echter nog lang niet ontwikkeld toen Philippe me uitnodigde om samen met hem wijn te gaan drinken.

      Philippe kende ik van een gezamenlijke stage. We fietsten naar huis door de stad. Aangekomen bij mijn huis nodigde ik hem uit, ik had speculaas gebakken voor een hele familie, terwijl ik in mijn eentje woonde. Deze enthousiaste jongeling smulde van mijn werk en riep: ‘Dan moet je bij mij wijn komen drinken! Ik heb een fles wijn gekregen van Jan Wolkers. Hij kostte wel tachtig gulden.’

      Hoe deze snoes gelieerd was aan Jan Wolkers, laat ik achterwege, maar het idee dat ik wijn ging drinken van een schrijver van statuur, sprak me aan. Ik durfde Philippe niet te vertellen dat het mijn kennismaking zou zijn met rode wijn. Met wijn. Met alcohol. Ik schaamde me voor mijn achtergrond en onervarenheid- niemand wist daar van.

      Hij woonde ergens in de Pijp.

      ‘Hij staat al te chambreren!’ zei mijn gastheer opgewekt, terwijl hij me voorging, de vier trappen op, naar zijn kamer.

      Wie “hij” was wist ik niet. Wat chambreren was evenmin. Frans was niet mijn sterkte vak op de middelbare school.

      ‘Kijk.’

      Hij wees naar de kachel. Op de schouw stond de ontkurkte fles. Met zachte handen pakte Philippe de fles op, hield het in zijn armen ware het een baby en liet mij het etiket zien. ‘Een echte….’ De naam weet ik niet meer.

      Ik knikte, zei “ja” en “mooi” en “heerlijk”.

      Philippe had er een speciale stoofschotel bij gemaakt. Van runder draadjesvlees en heerlijkheden die ik nimmer geproefd had.

      Ik hoefde hem niet te helpen. Met niks. De tafel had hij gedekt met een wit tafelkleed. Een student, hè. In de jaren 80.

      Hij schonk de ronde glazen in. Hij deed alles wat je met zo’n glas moet doen: ronddraaien, ruiken, een slok nemen, tong naar achteren en in het kuiltje dat ontstaan was de wijn laten liggen. Ik deed hem na. Zo ontwikkelde ik me van een gelovig dorpsmeisje tot door de wol geverfde stadstrien: ik aapte na.

      ‘Heerlijk,’ zei ik. ‘Heel bijzonder.’ En knipperde met mijn ogen om de tranen weg te krijgen.

      We dronken de fles leeg. Ik had u nog niet verteld dat we begonnen met een aperitief. Toen ik de bodem van de bijzondere wijnfles zag naderen, raakte ik opgelucht: het einde was in zicht.

      ‘En voor toe,’ zei Philippe, ‘heb ik nog een goddelijk cognacje. Hou je daarvan?’

      ‘O ja,’ zei ik. ‘O ja.’

      Slingerend ben ik weggefietst. En dan zijn tramrailsen verdomd lastige barrières op weg naar huis.

      Tachtig gulden…


      De Torenkamer Dag 5


      De Torenkamer Dag 5


      De Torenkamer Dag 5


      20.00 uur


      Mijn tijd in het Torenkamertje zit er bijna op. Ik heb een fantastische week gehad. De afzondering, de gezelligheid van de Radio4 mensen, de muziek die ze me lieten horen, hun enthousiasme, het lekkere eten ’s avonds. Alles. ’s Avonds was ik gesloopt, de volgende ochtend begon ik weer met frisse zin.

      Morgen ben ik thuis, alleen met mijn pc en mezelf.

      Alle Opiummensen, alle luisteraars en lezers: hartstikke bedankt en wat mij betreft, tot de volgende keer!


      De Torenkamer Dag 5


      De Torenkamer Dag 5

      Beluisteren
    • Torenkamer - Anke Kranendonk - Dag 4

      Beste….,

      Gisteravond kwam ik je tegen. Het was even na zeven uur in de avond. Twee mensen van de redactie en ik hadden eten gehaald bij de traiteur aan de Overtoom. Met de warme zakken in onze handen liepen we het park in. Je lag aan de overkant op het pad, vlakbij het water. Een man hield je vast, een slap, haast levenloos lichaam. Een andere man stond ernaast, met een telefoon aan zijn oor. Ik liep er naar toe, zei dat ik EHBO had en vroeg of ik kon helpen. ‘

      Ze stond in het water,’ zei de telefoonman. ‘Ze riep om hulp. Er zit een snee in haar pols. En ze stinkt naar drank.’Je zakte verder in elkaar.‘

      Leg haar maar neer,’ zei ik. Ondertussen werkten mijn hersens razendsnel, maar mijn hart klopte sneller. Wanneer je botbreuken hebt mag je juist niet gaan liggen, ook niet met letsel aan je nek. De hele volgorde zoals ik hem geleerd had negeerde ik. Ik handelde uit gevoel en weet niet of dat juist was. We legden je neer, ik keek of je pols nog bloedde, ik zag een diepe kerf met geronnen bloed. Een slagader hoefde ik niet af te knijpen dus daar besteedde ik geen tijd aan. Je blauwe sjaal die je een aantal keren om je nek had gewikkeld, maakte ik los. Je lag er half op, zodat je bijna daarin stikte. Eén van de redactiejongens haalde dekens voor je, de man en ik legden je in stabiele zijligging, terwijl de andere met de politie in gesprek was. Je lag daar, de kleur uit je gezicht verdween snel, je holle wang met uitstekend jukbeen werd meer en meer zichtbaar. Ik bleef naast je zitten en voelde je pols. Aanvankelijk voelde ik niks, ik voelde mezelf alleen maar. Tot ik polsslag voelde. Er kwam iemand voorbij die vroeg of er gereanimeerd moest worden.‘

      Dat kan ik,’ antwoordde ik en ik hoorde mijn stoere stem. Ik moest er niet aan denken. Mond op mond beademing, je op je rug leggen, met een regelmaat die in mijn armen zit en waarbij ik niet hoef na te denken op je borstbeen gaan duwen.


      De film is nog uren door mijn hoofd gegaan en toen ik ’s nachts in mijn warme bed lag, dacht ik: Ik had tegen je moeten praten. Dat is het belangrijkste. Geruststellen!

      Maar je leek zo ver weg, alsof je de dood had overgeslagen en in een totaal onbekende wereld was. Jouw onbereikbare eenzaamheid greep me om het hart. Vrouw, met natte benen, een snee in je pols, stinkend naar de alcohol: Ooit ben jij geboren en heeft je moeder je vastgehouden. Jouw zachte warme babyhuid is door tenminste een iemand gevoeld. Waar is het zo mis gegaan in je kinderziel dat je hier nu zo moet liggen?

      Er werden bruine dekens over je heen gelegd. De grond was koud, ik had een deken onder je willen schuiven. Het enige wat ik deed was je pols blijven voelen.

      Toen kwamen de politiewagens en namen agenten het van ons over. Mijn taak zat erop.Vrouw, ik zou je willen helpen, willen redden. Ik zou de hele wereld willen redden. Gisteren, om 19.15 uur heb ik gedaan wat ik kon doen. Of het goed is geweest, weet ik niet. Maar het kwam uit een hart van liefde.

      Ik wens je toe wat goed voor je is.


      De Torenkamer Dag 4


      De Torenkamer Dag 4

    • Torenkamer - Anke Kranendonk - Dag 3

      woensdag 6 januari 2016

      Wanneer je een steentje in het water gooit, ontstaan er langzaamaan kringen om heen. Zo werkt dat bij mij als schrijver ook: ik heb een vaag idee dat ik vaak niet eens onder woorden kan brengen. Ik zoek een vorm. Begin te schrijven. Krijg iets te pakken. Of niet, dan moet ik verder zoeken om mijn idee helderder te krijgen. Bij ieder boek, of dat nu voor jong of oud is, stel ik mezelf een extra opdracht: beschrijf de liefde alsof je binnen een vierkante millimeter moet werken, beschrijf een scène zodat je hem kunt ruiken, etc.

      Dit alles doe ik in grote afzondering. Ik praat er niet over met mijn redacteur omdat het nog te vaag en broos is. Zelfs niet met mijn lief.

      Als ik genoeg materiaal verzameld heb (in mijn hoofd), begin ik. Een kwetsbaar en fijn eenzaam proces. Niemand die er weet van heeft, niemand die het ziet.

      Het voelt als een zwangerschap: je draagt iets en als het voldragen is, mag het het licht zien.

      Na verloop van tijd, wanneer ik het durf. Laat ik mijn lief iets lezen. Zijn reactie op het werk is voor mij het meest kwetsbaar. Bij zijn goedkeuring mag het verdergaan, naar mijn redacteur. Er volgt een proces van scherpstellen, bijwerken, corrigeren. Dan mag de uitgeverij het lezen en pas als we allemaal helemaal tevreden zijn, gaat het een boek beginnen te worden. De bureauredacteur gaat ermee aan de slag, er komen drukproeven. Telkens lees ik mee en verander waar nodig. Uiteindelijk wordt het gedrukt.

      Een voorbeeld kunt u hier zien. 

      De vertegenwoordigers van de uitgeverij lezen het boek. Hun bevindingen wacht ik gespannen af, in de hoop dat ze tevreden zijn, het liefst kneiterenthousiast. En zo, stapsgewijs, wanneer ik al wat gehard ben door de kringen rondom de uitgeverij, is mijn kind voor het hele publiek zichtbaar. Sterker nog, het ís van het publiek geworden en dat gaat er van alles van vinden, het op zijn eigen manier interpreteren, het verhaal los zien van de schrijver die eerst zo kwetsbaar op haar werkkamertje zat.

      Nu zit de schrijver kwetsbaar te zijn op de Torenkamer. Alle beschermende ringen zijn overgeslagen. Het publiek krijgt weet van het broze idee, het vage plan, de eerste streken op papier, de hoofdstukken die ontstaan. Jullie de grote ring, ik het steentje in het midden.

      Vrijdag ga ik een stukje voorlezen. Misschien. Als mijn stem bibbert, weet u nu waardoor dat komt.


      En mijn liefie dan?

      Die is thuis. Er wordt een dakkapel geplaatst. Werken gaat voor het meisje.


      De Torenkamer Dag 3


      De Torenkamer Dag 3


      De Torenkamer Dag 3


      Klik hier voor de website van Anke Kranendonk.

      Beluisteren
    • Torenkamer - Anke Kranendonk - Dag 2

      Blog 2


      Om bij mijn Torenkamer te komen moet ik natuurlijk een aantal trappen op (heb je ooit een Torenkamer op de begane grond gezien?) Met een magneetpasje moet ik allerlei deuren openmaken. Uiteindelijk loop ik via de redactieruimte naar mijn stek.

      Vandaag is het rustig bij de redactie. Gisteren waren alle plekken gevuld met hardwerkende mensen, die volgens mij de hele dag zwijgend achter hun pc zitten en ook nooit eens opstaan.

      Ik wel. Omdat ik snel pijn aan mijn hamstrings krijg (daar waar ze aan mijn billen vastzitten), wandel ik doorgaans wat af. Ondertussen denk ik na over een volgende zin.

      Zo werk ik: schrijven, opstaan, lopen, denken, teruglopen, gaan zitten, schrijven. Zo begon ik gisteren ook: opstaan, twee passen lopen door de Torenkamer, de redactieruimte in, naar de wc. Terug met mijn magneetpasje.

      Na een tijdje begon ik me ongemakkelijk te voelen. Ze denken bij radio 4 nu vast dat ik ADHD heb. En dat heb ik niet! Ik ben een schrijver in beweging!

      Vanochtend heb ik een kussen meegenomen en een thermoskan, zodat ik minder hoef te lopen en ze daar bij radio 4 denken dat ik een keurige, rustige, beheerste, zoals het hoort, schrijver ben.

      Want dat ben ik.


      En dan de snoeptafel. (Zie foto)

      De chocolade heb ik uitgedeeld. Echt waar. De amandelen heb ik zelf opgegeten. De wijn… gedeeld. Ook echt waar.

      Die koeken: zelf opgegeten. De teller staat nu op twee.


      Ondertussen kijk ik naar buiten. Het tafereel van de wandelaars, fietsers, hondenuitlaters, eendenfotografeerders, de aangeharkte wandelpaden, de zichtlijnen die er 25 jaar geleden veel minder waren. Maar waar is de grote boom gebleven waarin ’s ochtends alle groene parkieten van het land zich verzameld hadden? Het oude vrouwtje dat ze elke ochtend kwam voeren. Zij was dik ingepakt, muts op, vogeltjes om haar heen. Wanneer ik mijn dochter naar de crèche bracht, zat ze voorop de fiets en wees, nog voordat we het park inkwamen naar de boom. Ze waren er weer! Altijd.

      Die kleine ijkpunten in het leven. Ik zal vandaag zonder moeten doen. Maar ja. Wie vertrok er eigenlijk als eerste? Heb ik haar ooit gedag gezegd? Afgestapt, haar de hand geschud. ‘Dag mevrouw, we gaan verhuizen. Dank u wel dat u er was.


      ’Lieve groet,
      Anke Kranendonk


      PS, wilt u mijn vriend worden? Dat kan hier!


      De Torenkamer Dag 2


      De Torenkamer Dag 2


      De Torenkamer Dag 2

    • Torenkamer - Anke Kranendonk - Dag 1

      maandag 4 januari 2016

      Blog dag 1


      Het begint goed.

      Word ik ontvangen door een schattige Emma die me allerliefst alle kamers van het schitterende VondelCS gebouw laat zien, doet ze met een ruim gevoel voor suspense de deur naar de Torenkamer open, zegt ze: ‘Hier mag jij…’

      ‘Laptop vergeten,’ antwoord ik nog voordat ze haar zin heeft kunnen afmaken.

      Ze sust mijn paniek met heerlijke kopjes cappuccino en een geduldige uitleg van het verloop van de week, maar dan moet ik toch terug naar huis.

      Hoe kan het dat een schrijfster, die zo vaak ergens anders gaat werken, haar laptop vergeet?

      Komt het door de fijne recensie die ik vanochtend las over mijn roman Altijd Vrolijk? en die me op een prettige wijze uit mijn concentratie haalt?

      Of komt het doordat ik voor het eerst van mijn leven een goed voornemen tijdens de jaarwisseling heb bedacht: alles wat meer op zijn beloop te laten.

      Dan begint het goed.

      En wordt het nog beter.

      Terug en geïnstalleerd in de kamer met schitterend uitzicht op het Vondelpark heb ik natuurlijk allang de tafel gezien met lekkernijen: gezonde, doch gezoete Bolletje koekjes, Snelle Jelles, chips, chocolade, allemaal zaken die ik nooit in huis haal voor het geval ik een writers block krijg en die wil wegwerken met gesuikerde “troep”.

      Dit wordt dus de uitdaging: in hoeverre kan ik weerstand bieden. U zult het zien aan de foto’s die ik dagelijks zal maken. Fotoshoppen kan ik niet, dus u krijgt een eerlijk beeld.

      En dan de grootste uitdaging: een paar dagen voordat de Kerst begon kreeg ik een idee voor een verhaal. Al mijn lopende werkzaamheden heb ik aan de kant geschoven om een opzet te maken. Er volgde een vakantie, even totale schrijfpauze. Nu ga ik beginnen. Ik zal het bestand gaan openen om te kijken of mijn idee de moeite waard is om ermee verder te gaan. Later meer. Neemt u alvast een kijkje op mijn site om al te lezen wat gereed is.


      Lieve groet!

      Anke


      De Torenkamer Dag 1

      De Torenkamer Dag 1

      De Torenkamer Dag 1


      De Torenkamer Dag 1

      Beluisteren