Facebook
Twitter
Google +
Luister live
Geen info beschikbaar
Afspeellijst
Afspeellijst
Uw afspeellijst is leeg
    huidig werk:
    Opium (AVROTROS)

    Gepresenteerd door:

    Mieke van der Weij, Jan Mom, Andrea van Pol

    MA | DI | WO | DO | VR

    22:30 - 00:00

    In De Torenkamer van VondelCS wordt wekelijks een jonge kunstenaar 'opgesloten' om, niet afgeleid door dagelijkse prikkels, te werken aan een magnum opus. Er is dagelijks contact met de kunstenaar in de uitzending en op vrijdag haalt Andrea van Pol de kunstenaar op uit De Torenkamer en wordt het voltooide werk gepresenteerd.

    Via ons Instagram account houden de kunstenaars je op de hoogte van hun voortgang:

    Torenkamer

    Emma Lesuis

    Emma Lesuis heeft de sleutels van De Torenkamer.

    Beluisteren

    Even voorstellen
    Emma Lesuis (Leiden, 1988) studeerde Woordkunst in Antwerpen en behaalde haar Master of Arts met de documentairevoorstelling 'I AM COLOURED (until I open my mouth)'. Al snel na haar afstuderen kwam haar eerste documentaire op televisie bij Canvas genaamd 'Vir 'n glasie wyn' over de andere kant van een glaasje Zuid-Afrikaanse wijn. Sindsdien houdt ze zich bezig met documentaireprojecten en is vaak in het buitenland te vinden. Zo maakte ze, tevens voor Canvas, de documentaire 'Bonjour Stromae' over fans van Stromae in Rwanda, was afgelopen zomer mee op een schrijversresidentie in Parijs, werkte mee aan de tentoonstelling 'Schaamteloos Schoon' over Burundese beautysalons en komt net terug van een documentaireproject over land grabbing in Mozambique. Op dit moment werkt ze aan een nieuwe documentaire die gefilmd zal worden in Suriname, het land van haar grootouders en doet ze een klein onderzoek naar activisme van vandaag de dag.

    Torenkamerplan
    Afgelopen jaar stonden er, ineens, vele activisten en feministen op. Ten aanval gaan bleek hip! Zeker als je op sociale media laat zien strijdbaar te (willen) zijn, dan win je (aan likes). Vorig jaar kwam steeds vaker de twijfel bij mij op of ik me meer zou moeten uitspreken. Maar hoe dan? Daarom ben ik begonnen met het interviewen van (door mij gezien als) activisten en feministen, omdat ik benieuwd was naar hoe zij dat deden. Wat de gevolgen zijn van jezelf uitspreken en of je een activist kan worden of een activist moet zijn. In de Torenkamer zou ik graag door willen gaan met mijn onderzoek en naast mensen interviewen in de Torenkamer, een tekstperformance in audio willen maken over de twijfel die ik heb. Wellicht twijfel ik na die vijf dagen, heel wat minder.

    • Torenkamer - Emma Lesuis - Dag 5

      vrijdag 10 maart 2017

       Leve de activist in ons

       

      Het afgelopen jaar twijfelde ik. Ik wilde me meer uitspreken, maar hoe dan? Ik las Pleidooi voor radicalisering vanAbou Jah-Jah waarin hij het heeft over het ‘activistisch gen’. Hij stelt dat ‘sommige mensen meer aanleg hebben voor activisme dan anderen’. Ik vroeg me af of ik dat genoeg bezat. Aan verontwaardiging geen gebrek, engagement voldoende, maar het is die stille activist in mij die niet vaak de juiste woorden vind. Dus zwijg ik maar. In de zomer ging ik twee weken naar een schrijversresidentie in Parijsen dat leek een keerpunt voor mijn twijfelende ik.

       

      Onder de schrijvers bevond zich een activiste. We kenden elkaar al voor Parijs en bij elk weerzien bekruipt me een gevoel van respect, maar iets benauwd me ook. Ze doet namelijk iets wat ik te weinig doe of durf: ze spreekt zich duidelijk uit. Ik had zo graag een goed weerwoord willen hebben toen ik werd gecomplimenteerd met mijn mooie dictie 'voor een Surinamer', toen ik vertelde dat ik naar Rwanda ging en de vrouw sprak over 'dat apenland' of onlangs nog toen het meisje zei dat het logisch was dat mijn broer etnisch geprofileerd werd. Vaak ben ik te beduusd. Vaak voel ik in mijzelf heel wat bommetjes opborrelen, maar waar blijft toch die ontploffing?

       

      We spraken af in een hippe brasserie in het wervelende la Goutte d’Or en ze duidde me op de controverse aangaande deze 'witte' plek, de belichaming van gentrification. Ik schaamde me lichtelijk voor mijn keuze en moest denken aan het boek White Innocence van Gloria Wekker, waarin ze stelt dat witte onschuld niet verbonden is aan de kleur van de huid. De activiste stak een sigaret op en vertelde over een aanvaring met een van de schrijvers in de groep. Het ging om het woord 'neger'. ‘Waarom wil je dat woordgebruiken, vroeg ik hem, leg het me uit. Ik voelde dat hij in het gedrang werd gebracht.' Met haast stak ze een volgende op en vurig praatte ze verder, inhaleerde, pufte uit. Intussen nipte ik wat aan mijn rosé van 5,5 euro.


       

      In het boek van Wekker staat ook dat 'wij' samen moeten werken, tegen de witte onschuld in. Daar in die hippe brasserie keek ikmijn collega-vriendin aan en toch vroeg ik me af: behoor ik tot die 'wij'? Maar we klonken. Santé! Op die toekomst die komen zal! Nous ensemble! En met die gedachten verlieten we de brasserie en stapten we de wereld in. Sindsdien vul ik de boekenkast aan met boeken over het koloniaal verleden, maar ook moderne literatuur-namen zoals Ta-Nehisi Coats, Zadie Smith en Chimamanda Ngozi Adichie vonden hun plek. Youtube bleek een grote inspiratiebron voor mensen die er net zo mee bezig zijn als ik. De doeken in mijn haar, die ik altijd al droeg, krijgen langzamerhand een diepere betekenis. Hoe bewuster ik word, hoe meer bommetjes opborrelen naar boven. Ze komen voornamelijk tot ontploffing in huiselijke kring. Familie, vrienden, lief: iedereen lijkt het te moeten ontgelden.

       

      Vrijdag tijdens de presentatie liet ik horen dat de activist in mij wakker was en niet meer zweeg. Maar er was ook die twijfel, omdat ik de wereld langzamerhand in zwart-wit begon te zien, de nuance begon te verliezen. Het afgelopen jaar werd ik feller en datgene wat ik zo graag had willen bereiken in gesprekken, verbinding, was ver te zoeken. Daarom zocht ik 'activisten' op om te vragen hoe zij dat nu deden: zich uitspreken. Ik sprak mensen die met het woord streden, de intellectuele activist. Maar ook de klassieke activist, de doener. Na al die gesprekken over racisme, seksisme, gendergelijkheid, het klimaat, werd het me wel duidelijk dat we allemaal wel een activist zijn, ergens van binnen. Je kan je uitspreken tegen onrecht, afval opruimen op straat, of seksistische grapjes op een verjaardagspartij onderuit halen. We kunnen allemaal wel wat doen, en best wat meer, maar op je eigen manier. Na vijf dagen in mijn Torenkamer te hebben nagedacht, ga ik snel de wereld in. De Women’s March wacht op mij.

      Beluisteren
    • Torenkamer - Emma Lesuis - Dag 4

      Niet voor niets   

      Met activisme kun je een goed belegde boterham verdienen. Wanneer jouw boodschap wordt geapprecieerd en je in staat bent om een afgerond verhaal(tje) te vertellen, is dat geld waard. (Zelf)benoemde ‘activisten’ worden gevraagd voor lezingen, masterclasses, schrijfopdrachten of een aangenaam advies. Ik sprak de Vlaamse Younes van den Broeck oftewel de rapper Spitler die zich schuldig voelt over het feit dat commercie en engagement door elkaar lopen en zich daarom niet activist durft te noemen. Hij twijfelde: werd zijn activisme te veel een businessmodel? Mode-icoon en -journalist Aynouk Tan maakte van zichzelf haar eigen product met als gevolg dat ze een burn-out kreeg. ‘Ik durfde niet eens meer naar de Albert Heijn zonder me ‘gek’ te kleden. Ik dacht dat als ik die gekke kleding niet meer aan zou trekken, ik ook geen geld meer waard zou zijn.’

       

      De Vlaamse historicus Heleen Debeuckelaere had het over het vies kantje van ‘het beroeps-activisme’. ‘Als er een vrouw van mijn leeftijd ook over afrofobie schrijft, dan treed je automatisch in concurrentie met elkaar. Ik heb het daar moeilijk mee.’ Daarnaast vindt ze dat de term ‘activist’ zo’n negatieve bijklank heeft, dat ze zich daardoor intellectueel niet serieus voelt genomen. Dus ook zij twijfelt: is ze nu een activist of niet? Ze wilt dingen aan de kaak stellen, mensen meer bewust maken, maar de straat op gaan om te protesteren doet ze niet. ‘Ik ben ook gewoon lui ofzo.’ Maar ja, wat houdt ‘een activist zijn’ dan precies in?

       

      Niemand die me echt kon vertellen wanneer je jezelf nu een activist kan of eigenlijk mag noemen. De een doet het zonder aarzeling, de ander vindt het label te prestigieus. Er zitten duidelijk consequenties aan vast. Quinsy Gario -ons aller bekend van Zwarte Piet Is Racisme- ondervindt ze nog altijd -letterlijk- aan den lijve. Mensen verwachtten dat hij door zijn actie een leider zou zijn. Dat hij op zou komen voor de Afro-Nederlandse gemeenschap. Dat hij verandering zou brengen. Toen dat uitbleef, was er die teleurstelling. Aan de andere kant waren er mensen die überhaupt niet content waren met zijn kunstzinnige boodschap: ‘Nog altijd krijg ik bakken met haatmail en doodsbedreigingen.’ So you’d better think twice of juist daarom doorgaan?


    • Torenkamer - Emma Lesuis - Dag 3

      woensdag 8 maart 2017

       Wij, vrouwen

       

      Het is vandaag 8 maart: vrouwendag. Onlangs gaf ik documentaireles op een middelbare school in Utrecht en sneed het thema feminisme aan. ‘Wie weet wat dat is?’ Een jonge vrouw met een Brabantse tongval en Marokkaanse achtergrond stak voorzichtig haar vinger op en zei: ‘Ik ben een feminist.’ De stoerste van de klas, duidelijk jaloers, schreeuwde: ‘Watis dat nou weer?’ Bedeesd legde het meisje het uit. ‘Ik kom op voor vrouwenrechten, ik wil dat mannen en vrouwen gelijk behandeld worden.’ De stoerste was stil.

       

      We besloten om een feministische speech te schrijven. Alle jonge vrouwen met diverse achtergronden zetten de tafels bij elkaar en ter inspiratie bekeken we filmpjes van Malala en Michelle Obama. De een vond dat er meer gelijkheid binnen de islam moest komen. ‘Als een man met vrouwen naar bed gaat voor het huwelijk is dat oké, maar als een vrouw dat doet is ze een hoer. Maar het is toch altijd haram om dit voor het huwelijk te doen? Waarom wordt de man daar dan niet op aangesproken?’ De ander vond het onzin dat er van vrouwen verwacht wordt van make-up en mode te houden en altijd maar een spiegeltje mee te moeten nemen naar school.

       

      Het thema abortus zorgde voor veel verdeeldheid aan tafel, maar ondanks de verschillen, werd er naar elkaar geluisterd en schreven ze een pakkende speech. ‘Wij, vrouwen willen gehoord worden.’ Ik weet niet wie er meer leerde die dag, het zette mij in ieder geval aan om feministen over hun activisme vandaag de dag te interviewen, want er valt nog veel te strijden. Zo komt Olave morgen langs in de Torenkamer, die ik een aantal jaar geleden leerde kennen als man en nu als vrouw door het leven gaat. Ze wilde niet meer naar de buitenwereld doen alsof ze een man is, ze wilde zichzelf zijn. Maar de strijd dat diezelfde buitenwereld dat accepteert, is nog lang niet gestreden.


      Enkele vrouwen die ik interviewde over hun (feministisch) activisme:

      Aynouk Tan: "Ik vind het heel belangrijk om een ander idee van hoe een mens eruit kan zien, te laten zien."


      Tante Yvonne, activiste in rust: "De zwarte vrouw wordt nog altijd als minderwaardig gezien en dat vind ik onzin. Dat is iets om voor te strijden."


      Feministisch schrijfster en radiomaakster Nikki Dekker: "Pas toen ik als tiener The Beauty Myth van Naomi Wolf las, begreep ik dat door kapitalisme, doorgeslagen consumptiepatronen en reclame ons een schoonheidsideaal wordt opgelegd. Dat zorgt ervoor dat we continue het gevoel hebben dat we onszelf tekort schieten. Dat vrouwen moeten lijken op modellen en hun lichaam moeten beschouwen als accessoire."


      Historicus en activistisch schrijfster Heleen Debeuckelaere: "Veel dingen die ik zeg vind ik zelfs niet voor debat vatbaar. Het zou vanzelfsprekendheid moeten zijn. Het zou niet nodig moeten zijn dat mensen daarvoor activist worden genoemd. Het feit dat mensen gelijk zijn maar niet gelijk behandeld worden door hun huidskleur en dat dat nog altijd het geval is... Ik snap niet dat ik dat nog constant moet uitleggen. Maar bon. Het is nu eenmaal zo."

      Beluisteren
    • Torenkamer - Emma Lesuis - Dag 2

      Jeanne d’Arc: radicaal, held of activist?


      Gisterenavond sprak actrice Sallie Harmsen over haar nieuwe rol bij het Nationale Toneel. Ze vertolkt Jeanne d’Arc, het boerenmeisje dat op 19-jarige leeftijd als ketter op de brandstapel stierf. Harmsen vertelde dat d’Arc was geradicaliseerd vanuit haar katholieke geloof en maakte een link met het nu. Op wie ze doelde werd niet uitgesproken, maar mijn eerste gedachten en vast ook die van vele luisteraars, gingen naar Syrië-strijders. Hoewel Jeanne d’Arc op handen wordt gedragen in Frankrijk en inspiratie is geweest voor tal van takken in de kunst, vertelde Harmsen op zo’n manier over haar radicalisering dat de jonge vrouw, de Maagd van Orléans, in een toch wel vies hoekje werd gezet. Ten strijde trekken is blijkbaar oké, maar er zitten wel grenzen aan.


      Jeanne d'Arc


      Tijdens het interview luisterde ik geboeid en vroeg me af wanneer iemand radicaal is. Of eigenlijk: wanneer je tot een radicaal bestempeld wordt. Zou Jeanne zichzelf zo hebben beschouwd? Voor mijn persoonlijke onderzoek of ik me meer zou moeten uitspreken, interviewde ik een aantal activisten. Geen van hen noemde zichzelf graag ‘activist’: dat werd van hen gemaakt. De een vond het te prestigieus, de ander voelde dat ze door die stempel niet intellectueel serieus werd genomen. 


      Ik zie Jeanne voor me in “mannenkleding” met die vaandel in haar hand en vraag me af wanneer een activist eigenlijk radicaal is? Of wanneer een radicaal toch maar een activist is? Volgens de AIVD zijn radicalen mensen die ‘een gevaar kunnen opleveren voor de democratische rechtsorde’, synoniemen.net geeft er andere woorden aan: doortastend, rebel, diepgaand of progressief en de Van Dale beschrijft het als volgt: iemand die verregaande hervormingen wilt. Wat dan precies verregaand is, is de vraag. 


      Al luisterend naar het interview vraag ik me af of we niet allemaal een beetje meer Jeanne zouden moeten zijn. Want wij, generatiegenoten zoals Sallie en ik, hebben in deze tijden toch wat voor te strijden? Zij doet het al, in verve, op toneel. Ik probeer het met woorden hier vanuit mijn Torenkamer. Maar zouden we niet de denkbeeldige vaandel op moeten pakken en daadwerkelijk die straat op moeten gaan? Ik had Sallie nog willen vragen wanneer zij de Jeanne in haar naar boven laat komen in het ‘echte’ hier en nu. Maar ze was al weg, de wereld in of gewoon gaan slapen.

    • Torenkamer - Emma Lesuis - Dag 1

      maandag 6 maart 2017

      De man met het mutsje op


      De man wacht al bijna een uur met een plastic Albert Heijntas in zijn hand. Het matcht niet met de rest van zijn outfit: een bruin suède jasje met rafels eraan op een zwarte leren broek. Op zijn hoofd heeft hij een rond zwart mutsje. Hij zit eerst op het hek naast de lantaarnpaal, dan loopt hij naar het water. Hij staart wat naar de eenden die kalm voorwaarts glijden, maar ik zie het vanaf hier: hij is er met zijn hoofd niet bij. Onrustig als hij is, loopt hij weer terug naar het hek, staat op, kijkt rond en zo gaat het nog even verder.


      Ik kijk vanuit mijn Torenkamer, de residentieplek waar ik zolang naar uitkeek. Ik ben hier nu een aantal uur, vol van plannen, maar die moeten nog even wachten. Want voor me biedt de wereld zich aan (ik geef toe: ik ben snel afgeleid). Lui leunt mijn hoofd in mijn hand en denk ik aan alle interviews die ik wil doen. Aan al het anarchistisch geluid dat ik wil horen. Maar nu ik hier zit neemt mijn nieuwsgierigheid van de plek zelve het over. Wat zit er in die man zijn tas?



      En dan, weldra, komt er een andere man aangewaaid met fietstassen op zijn fiets en, verdomd, met hetzelfde zwarte mutsje op. Hij is te laat, dat weet ik zeker. Maar het maakt niets meer uit voor de man met de rafelige jas, want als een blije hond springt hij op hem af en kust hem kleine kusjes nog voordat de fiets is geparkeerd. Al dansend showt hij vervolgens zijn bruine suède jas en de rafels dansen met hem mee. ‘Cool,’ zegt de andere man met het mutsje op. Denk ik. Ik denk wel meer zo hier vanuit mijn Torenkamer. En terwijl de Albert Heijn-tas wordt overgedragen denk ik ook aan mijn eigen verhaal. Dat hier zal starten, binnen deze vier muren. Wat wordt het? Ik merk een kleine zenuwachtigheid. De mannen met de mutsjes op lopen verder het park in, mijn gezichtsveld uit.

      Het is tijd om te beginnen.

      Beluisteren